In het groen aan de Kromme Rijn staat een intrigerend landhuis met een uniek interieur. Rond 1770 liet Gerard Godard Taets van Amerongen dit buitenverblijf bouwen op de resten van een eerder huis. Hij ontwierp het waarschijnlijk zelf in neoclassicistische stijl. Op de begane grond kwamen salons en eetkamers, op de verdieping gastenverblijven en op zolder dienstbodenkamers. In 1808 kocht koning Lodewijk Napoleon het landhuis als zomerverblijf, maar hij was er maar één week. Een paar jaar later werd de Utrechtse burgemeester Bosch van Drakestein eigenaar, zijn nabestaanden woonden er tot aan de Tweede Wereldoorlog. In 1951 kocht de gemeente Utrecht het landgoed als recreatiegebied. Tot 1988 werd het huis bewoond door de familie De Wijs.
Chinees behang
Een uniek onderdeel van Landhuis Oud Amelisweerd vormen de bijzondere behangsels, waaronder 18e-eeuws papierbehang uit Kanton. De muren van de Chinese salon bevatten voorstellingen van jachttaferelen en een drakenbootfestival, terwijl in de Vogelkamer de natuur centraal staat. Twee andere kamers hebben 19e-eeuws handgeschilderd behang: de Fazantenkamer door Jan Augustini en de Oud-Hollandse kamer met landschapsbehang. De behangsels zijn sinds 1989 meermaals onderzocht, geconserveerd en gerestaureerd, maar het behoud vergt blijvende aandacht.
Musea
Vanaf 1989 is geprobeerd van Oud Amelisweerd een museum te maken waar moderne kunst en erfgoed samenkomen. Aanvankelijk deed het Centraal Museum dit, vanaf 2014 het Armando Museum. Toen dat na vier jaar moest sluiten, volgde tijdelijk het Pop-Up Museum MOA. De gemeente Utrecht wilde van de verantwoordelijkheid af en gaf het landhuis in 2021 in erfpacht aan Stadsherstel Utrecht. Stichting Landhuis Oud Amelisweerd organiseert er nu verschillende activiteiten, zoals tentoonstellingen in samenwerking met het Centraal Museum. Op zolder is de BosBieb te vinden met kinderboeken over de natuur.